is toegevoegd aan uw favorieten.

Dagverhaal der lotgevallen van Pichegru, Barthelemy, Villot, Aubry, Dossonville, Le Tellier, La Rue en Ramel, uitgebannenen uit Frankrijk naar Guijane, na den [...] 4 sept{r}. 1797.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'0 H3 $

dert zij den moord des Konings vernomen hadden, oiigeftrafc in't midden van Frankrijk gepleegc,de hoofden dier volk-zwermen alle gemeenfehap mee hen afgebro-ken hadden (9). Eindelijk, wij hadden Hechts gebrekkige verkenningen, en befpeurden niets dan onoverkomelijke zwarigheden; dit ontwerp werd derhalven ver= worpen.

Alvorens een omftandiger verflag te geven van 't ontwerp, tot het welk wij,ons bepaalden, moet ik hier' nog verhalen wat 'er bij ons voorviel, gedurende onze nachtvergaderingen en onze toebereidzelen, en eindelijk onze grootfte rampfpoeden, onze laatfte beweegredenen , om dit land van wanhoop te ontvluchten; waarna ik den draad van 't verhaal onzer vcrlosfing niee meer zal behoeven aftebrecken.

Dc Luitenant A i m é, ziek geworden zijnde, werd naar Caijenne gevoerd, en door den Heer F r e t a, een onverzettelijk maar zeer hupsch Officier, afgelost, deze maakte zeer fchielijk een einde van de baldadigheden der' negers, verloste ons van 't geraas des tamboers, en deed alles, wat hij kon, om ons te helpen.

Tronconducoudray was reeds zeer ziek, hij moest geholpen worden; hij verzogt om een neger; Jeannet zond 'er hem een, Lodewyk genaamtjeen zeer flegten knaap, dien hij vrij had gemaakt. Wij wisten zeer wel, dat men ons geen mansperfoon zoude H ttfi*