is toegevoegd aan uw favorieten.

Oude joodsche brieven, saemenspraeken en verhaelen, van sommige tydgenooten des zaligmakers.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6"4 ZEPHONIAS AEN SEVERUS.

zich niet diep met hen intelaten, — niet met hen op gelyken voet te ftellen, — niet alle mogelyke wysheit en fchoone vindingen voor hen ten toon te fpreiden , of hen met zuchten en minzaeme woorden te willen gewinnen, _ maer den fpotter eene korte doch alzins treffende fcherts toetevoegen, die hem toont, dat men hem kent, en die teffens een einde maekt van de zaek, zonder ons dieper met hem intewikkelen, ■—. den valschaert op eene gevoelige wyze, fchoon als ter zyde, te beduiden, dat zyne valschheit voor "ons niet verborgen is, evenwel met die omzichtigheit, dat hy geen recht heeft, iets ten onzen laste intebrengen. Deze laetfte omzichtigheit fchynt de Leeraer niet, ten minsten niet altyd, in 't oog te houden. Maer zyne weemoedigeuitboe'zemingen, hoe geftreng ze ook teffens zyn, nemen my toch nog allermeest, voor hem in.

Ondertusfchen kan ik my, hoe zeer ik ook, in de ftille ogenblikken van overdenking, daer op p'einze, geenen zoodanigen uitgang zyner gefchiedenisfe verbeelden, als hy zich fchynt voorteftellen

XVII,