is toegevoegd aan uw favorieten.

De historie der jooden, van den tyd van Jesus Christus tot op den tegenwoordigen tyd. Om te dienen tot een vervolg of derde deel, op de werken van Flavius Josephus.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der JOODEN. 427

pver, waar de Jonden op de flagtbank zouden ix. gebragt zyn , indien eenige groote Hecren de BI°IÏ1K*' rykften niet by hen verborgen, en aan deezeH°o«>s«! woede van 't gemeene Volk onttrokken hadden ; welke woede hunne Historiefchryvers rekenen als de agttiende hunner onheilen. De Jooden zouden ongelyk hebben, zoo zy den Paus van alle deeze beweegingen betichtten; hy hadt 'er geen deel aan: want Alexander de IV., die toen den ftoel van Rome bekleedde, zondt Oclavianus naa Napels , om de Guelfen, zyne aanhangers, daar weder te doen binnen komen, en 'er zyn gezag te doen gelden. Maar Otlaviamis kon zyn doel niet bereiken, en de Paus ftorf weinig tyds na den kwaaden uitflag van deeze onderhandeling; dus kon hy noch het leed, dat men den Jooden aandecdt, veröorzaaken , noch daar middel in ftellen.

Zy leefden geruster in de Mar ca d'Amona. Dit land behoorde niet aan den Kerkelyken ftaat; want het was niet dan ten jaare 1532 dat de Krygsbenden van Clemens den VII zich daar van meester maakten, onder voorwendfel van het tegen de Turken te verdeedigen. Zy genoot toen haare vryheid, en de Jooden leefden daar in ruste; zy beroemen zich zelfs dat God daar, ter begunstiging van een Rabbyn, een wonderwerk deedt. Menachem was te Ricina Nova gebooren met een grof en dom verftand ; maar hy raakte eens in de Synagoge in ilaap, en dacht een man te zien, die hem een vat vol water aanboodt; en hy hadt 'er naauwelyks van gedronken, of

hy