Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

18 LEONIDAS

Anderen. Voer ons in het Perfiaansch leger; daar zullen , wiJ ondcr bcrSc» van neergevelde vijanden, ons graf zoeken! Voer ons aan, dappere Leonidas , wat vertoeft gij ?

Leonidas. Neen, mijne Broeders! nog is het de tijd niet. Wanneer de nacht met haren zwarten (luier ons overfchaduwt, wanneer de flaap. de ogen der Perlianen dekt, dan zullen wij hen in de armen der rust overvallen. Als geesten des verderfs zullen wij door hunne tenten waaren; en overal dood en verfchrikking verfpreiden. Midden in het Perfiaansch

leger voor de tent van Xerxes te fneuvelen,

zal de heerlijkfte dood voor ons zijn. Bereidt u tot dat groot ogenblik. (Tegen enen der Soldaten) Gij, Agis , treed nader. (Hij komt uit het gelid.) Deze brief luidt aan den Raad van Lacedaemon, en bevat gewigtige zaken. Aan niemand vertrouw ik denzelven overtcbrengen, dan aan u.

De Soldaat (met beledigden trots.) Niet om brieven te beftellen, maar om te vechten, ben ik hier gekomen.

(Hij gaat weder in het gelid!) Leonidas (getroffen.) Edele jongeling! Hoe beklaag ik mijn Vaderland over het verlies van zo enen Burger! ■

Doch

Sluiten