is toegevoegd aan uw favorieten.

Grondbeginselen van de opvoeding en het onderwijs voor ouders, leermeesters en opvoeders.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JW VERBETERING DER

§ 175-

Verbetering der fchriftelijke opfeilen.

Hoe zeer ook het zelfsarbeiden gefchikt is, om jonge lieden te oefenen, zo bekomt bet echter eerst door de beöordeeling en verbetering des leraars zijne volkomene nuttigheid. Men moet naamlijk 1) billijkerwijze niets als afgedaan laten, varen, 't welk, men niet zorgvuldig met den leerling doorlopen , en hem daar bij zo wel zijne fouten getoond, als hem, wanneer hij het goed gemaakt heeft, aangemoedigd hebbe. Anders leert hij het nimmer beter maken, en wordt allengskens onachtzaam, wijl hij weet, dat zulks niet in aanmerking komt. 2) Wat de beoordeling en verbetering zelve aangaat, dezelve zij a) nauwkeurig en ftreng, maar niet moedbenemend, verachtend en befchimpend ; Z>_) zij befta niet in het enkel opmerken der fouten, maar, 't geen hét be-

langrijkffe is, in het ontwikkelen der gronden

welke dikwijls de kwekeling zelf zal uitvinden, wanneer men hem flechts wenken geeft — en in het geven van handleiding, hoe het beter kunne gemaakt worden. Men geve c) daar bij acht op de bekwaamheden en behoeften der leerlingen. In den beginne is duidelijkheid en taalkundige volkomenheid der uitdrukking alles , wat men vorderen moet. Op keuze, fchoonheid, flerkte der uitdrukking moet hier nog niet gelet worden. Bij trappen kan men tor de volkomenheden ener goede tchrijtwijze overgaan, en bij gelegenheid der

be-