is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Roomsch Hollandsch recht.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

■ X11L Deel. Van fiilfzvygende onderfetting, &c.

Nog werd daar onder mede gerekent het verdiende loon van den ■Doclor, Chirargyn, en de Medicamenten van den Apothecar, waar •aan den Overléden fchuld-pligtig is geftorven. Chriftin. d. art 35. ■num. 4. & tit. 13. art. 13. in addit. ChafTan. ad con/uetud. Rurgund. rubric. 4. §. 9 verf. Sumptufve funebres. num. 6. Surd. decif. 255.num. •25. €&/%„• Carpzov. defin. forenf. part. 1. confi. 28. 43. 45.' Gratiari. difcepia.t. forenf. cup. 94. 14. & feqq. Gelyk fulks mede is verftaan voor de Doctoren, die gegaan hadden over Mr. Dirk Schout, den 21. Mey 1612.

Dog met dit onderfcheid, dat de koften van de begrafenis en andere doodfchulden, gedragen werden bv de Erfgenamen, (9) en aan de zyde van den Overléden. Chriftin. ad leg. Mech/in. iztï 16. art. 35. num. 1. Everhard. confd. 232. num. 13. Maar de koften van den Doftor en Jpothecar, by het leven van beide de Egt-genotcn gevallen, komen tot laften van den Boedel in 't gemeen. Chairan ad confuetud. Rurgund. rubric. de juribus. 4. §. 9, verf.Sump' tu/ve funebres. ' 10 Ten vyfde; Het Gemeene-Land, voor de fchuld, en op de goederen van die geen, dewelke eenig bewind van des Gemeene-Lands middelen heeft gehad; Sie Sande lib. 3. tit. 12. defin. 1. Welkers Recht mede gebruiken alle Pagters en Excyffenaars, 'onder defe bepalingen, dat fy haar recht moeten aanleggen, en fonder verloop vervolgen, binnen fes Maanden na dat den tyd haarer verpagting is uitgegaan; Interpretatie en Refolutie van de Staten van Holland den 22. Maart 1625. (10).

Sulks

(p) Welverflaande, zoo dezelve de herediteit aanvaard hebben, dsn dit alJes komt ten deezen respecte in geen aanfehouw, dewyl hetgeen twyfel leid, dat de erfgenaam, adieerende den Boedel fimpliciter, ex quafi cmtra&u tot de Voldoening van alle de Crediteuren gehouden zyn , maar hier word geverfeert in <cas van infolventie, en dan komt deeze geheele diftinctie van onzen Aucteur tuffchen de doodfchulden en kostten van Doctor en Apothecar in geen

aanfehouw, wyi beide uit den Boedel komen moeten, add. Costumen van Antwerpen tit. 47. art. 29. £f tit. 60. art. 1(3- Z. ook des Aucteurs eigen woorden in den aanvang van deezen g 9.

(10) Men zie vooral nader de Refolutie van Hun Ed. Gr. Mo»g. van den 25. Eebr. 1678. Gr. Placaatb. 3. d. p. 591. • Observatien over H. d.~ Groot 2. d. obf. 61. Z«nde wyders in de Holl. Consult. 4. d conf. 189. geadvifeert, dat het Gemeene Land nopens de aehterftallige ¥ fcbul-