Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glÖ het vierde BOEK

Hoefdji. In het tweede jaar , op den twintigden dag **l der tweede maand [half April en ,half Mei,] verhief zich de wolk, van boven de heilige wooning, in welke het getuigenis [de wet] be-

12. waard werdt, in de hoogte; en nu braken de Israeliten op , om hunnen togt voort te zetten , uit de woeftijn Sinaï. — In de woeftijn Paran bleef de wolk weder ftaan.

13. Deze eerfte optogt gefchiedde, volkomen volgends het bevel van jehova, door den dienst

14. van moses; zoodat eerst de banier van Judd's leger opbrak, met haare onderhoorige heiren.— Deze werden aangevoerd, de ftam van Juda,

15. door nahesson, den zoon van amminadab ;;de dam van Isfafchar, door nathanecl , den zoon

16. van zuhar ; de ftam van Zebulon, door eliSb ,

17. den zoon van helon.— Thans was de heilige wooning uit één genomen,en nu braken de nakomelingen van Gerfon en Merari op, die de

iS. heilige wooning droegen. — Vervolgends brak de banier van Rubens leger op , met haare onderhoorige heiren — wordende aangevoerd, de ftam van Ruben, door elizur, den zoon van

!p. sedeür; de ftam van Simeön, door sELUMiëL,

fl0. den zoon van zurischaddaï ; en de ftam van Gad, door eljasaf, den zoon van DEHuëL.—

ftl. Na dezen braken de Kahathiten op, die de heilige gereedfchappen en vaten droegen , zoodat, tegen dat dezen aankwamen, de eerstgemelden de heilige wooning weder hadden opgedagen.—

22. Vervolgends brak de banier van Efraïms leger

op,

Sluiten