is toegevoegd aan je favorieten.

Het Oude Testament.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

j E s a i 'i. 99 Van uwen naam en roem te zingen. Hoofdft.

xxvi.

Solo.

Des nachts verlangt mijn ziel naar u., vs. 9. U zoekt, reeds in den vroegllen morgen,

Mijn geest, mijn innigfte gevoel; Want toch, wanneer uw ftralgerichten

Zich openbaren op deez' aard, Dan leeren alle wereld-wooners

Weêr deugdzaam en rechtvaardig zijn. Maar fchoon de fhoodaarts gunst genieten , 10.

Zij leeren toch niet deugdzaam zijn; In 't land, der deugd gewijd, daar hand'len

Zij toch verkeerd; z' ontzien toch niet De Majefteit van God jehova.

Zij zien het niet, alfchoon uw hand, tl» jehova, dreigend, is verheven;

Zij zullen 't ééns, met fchaamte, zien, Wanneer gij voor uw volk zult ijv'ren,

Wanneer gij ééns het blikfemvuur Uw trotfehen vijand laat vertcereu.

1 c h o 0 r.

jehova! gij vest ons geluk! iï. Gij hebt voor ons all' onze zaken

Ten onzen beste ééns uitgevoerd. Wij hadden enkel dwingelanden, 13.

Die ons beheerschten, buiten u, O Onze God! 0 God jehova!

Het is alleen door uwe hulp, Dat wij uw' roem en glorie zingen.

G a Na