Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

J24 JEREMia;

BxS' Haar gantfche kriJgsmagt wordt, zoo fpreekt jehova God, De groote Wereldgod l alsdan ter neêr gehouwen.

w.27. Ja, in Damaskus wal, ontfteek ik dan een vuur,

Dat alles floopen zal, zelfs benhadads paleizen.

44. Eene voorzegging tegen eenige Arabifche Stammen.

«8. Betreffende Kedar, Cde tentbewoonende,) en de Koningrijken van Hazor, (de dorpbewoonende Arabieren ,) welke nebukadrezar , de Koning van Babel, geflagen heeft, luidt jehova's Godfpraak dus:

Rukt tegen Kedar aan ten firijd, op! d' Oosterlingen

29. Beroofd! ontneemt aan hun hun tenten en

hun vee,

Hun tentgordijnen, en gereedfchap, hun kameelen,

Het word' hun al ontroofd! Men hoor' alöm den kreet:

30. Schrik! Schrik van allen kant! — Vlucht,

vlucht, gezwind en fpoedig, Verfchuil u, Hazors volk! in 't diepst der woestenij!

nebukadrezar heeft, de Vorst van 't mastis Babel, 8

Heeft tegen u een plan , een krijgs-ontwerp, beraamd,

Trekt

Sluiten