Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28 HETCHARAKTER DERDE SAMENSPRAAK.

handelende over het charakter der eerste menschen; over derzelver godsdienst en leevenswyze.

de gouverneur.

Wel nu :zal het u niet verdrieten het overige van Adams gefchiedenis te weeten ?

l e o n o r £.

6 Neen: wy zouden *er' u tcrftond om verzocht nebben.

de gouverneur.

Het eerfte gevolg van hun ondankbaar gedrag was, dat zy hunne naaktheid befpcurden. Die flegts eènlg gevoel van zedigheid bezit, tracht het gezicht van dierelyke driftsbeweging voor het oog te verbergen. Men moet geheel wild van aart, of volkomen zedenloos zyn, om een gezicht te kunnen verdraagen , waar voor de Dieren alléén , niet afkeerig zyn: de zedigheid derhalven en de fchaamte, vermits 's menfchen driften nu ongeregeld wierden , deeden hun tot voorkoming van ergernis, naar eenig middel ter dekking omzien. Zy naamen' dunne takken van Vygeboomen, vlochten die aanéén,

Sluiten