Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24 GEDENKSCHRIFTEN en REIZEN

ze ftondt nevens my , en naast den Koning waren de fchryvers met papier , inkt en penfeel in de hand. Een hunner vroeg, met een verheeven Item, wie ik was ? Waarom ik in Japan, en van waar ik kwam , en waar ik heen ging ? De Bonze vertolkte deeze vraagen , en ik gaf dezelfde antwoorden, die ik voorheen den Koning gegeeven had. Eene volgende vraag was , of ik een Handel voor myne Natie begeerde op te rig-en , en waar- in dezelve beftaan zou ? Op het eerfte lid antwoordde ik ja ; maar verzogt verfchooning ten aanzien van het tweede : dewyl ik van aanleg geen Koopman zynde , daar over niet bepaald kon fpreeken; maar ik beloofde , dat ik , op myne eerfte reis kooplieden met my zou medebrengen, en in ftaat weezen tot het maaken van nadere bepaalingen. Het behaagde den Koning te antwoorden , dat de fchepen met Pelteryen moesten belaaden weezen ; ik beloofde zulks. — De laatfte eisch van hem was, dat ik my zou verbinden om nooit in Japan eenig Boek in te voeren over den Godsdienst handelende , en nog veel min een Bonze van myn eigen Land. Ik gaf hier op desgelyks myn woord: waar op de Bonze my zeide , dat ik kon vertrekken. Hy vervoegde zich wel haast weder by mymetberigt, dat ulikamhy gereed ftondt na de ftad Kilingue te trekken; doch dat hy vóóraf my gefchenken wilde doen , en my eene Vlag geeven, aan welke ik, by myne wederkomst in Japan zou te kennen weezen , en dat de Koning , daarenboven , my een Heer op de reis zoude toefchikken , onder voorwaarde dat

ik

Sluiten