Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

204 JOHANNES DEN DOOPER, EEN GROOT MAN,

deze niet alleszins een Man zijn, veel meer dan anderen, voorzien met wijsheid en deugd, met moed en met fterkte, met beleid en een alles overwinnend geduld? Hoe weinig doch zijn menfchen van den gewoonen (tempel, voor zulk eenen moeilijken en regt grooten taak, berékend! Voorzeker! Zou Johannes een waardige Voorganger zijn van den Mesfias, dan moest hij daar toe eene meer danv gewoone grootheid bezitten ; en wel eene voor hem zó noodzaaklijke grootheid, beide als mensch en als Leeraar,

i. Als Mensch M. V. bezat deze Johannes een waarlijk groot en uitneemend charakter. — Noemen -wij allen M. V. naar de infpraak van ons zedelijk gevoel, dat klein en verachtlijk, geenerhande vast doel op de baan des levens te beoogen; maar nu 't een, dan 't ander tot het groot wit zijner bedrijven te (tellen? Noemt gij dat klein en verachtlijk, een (laaf te zijn van zijne telkens opwellende harstochten, zig willekeurig allerlei behoeften te fcheppen, en zo zig zeiven, al zijne rust en geluk, telkens afhankelijk te maken van duizenderlei dingen? Noemt gij dat klein en verachtlijk, zijne ontwerpen, gelijk de ebbe en vloed, telkens te laaten afhangen van den loopftreek der omringende dingen? Noemt gij dat klein en verachtlijk, God en 't menschdom, bij zijne bedoelingen en daaden, voorbij te zien; en alleen zig zei ven, zijne eigen grootheid

of

Sluiten