is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der apothekerskunst.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

APOTHEKERSKUNST. 449

ze andermaal op één pond verfche bloemen, en doet als vooren, zo zal men eene ohe bekomen, welke den reuk der zelfftandigheden, waarop zij gegoten is, bevat. Op eene dergelijke wijze wordt buiten 's lands de Jasmijnolie (§. 128. n. 8.) bereidt.

§. 59*-

Zo wel de uitgeperfte als aetherifche oliën losfen in de warmte de zwavel volkomen op C<§ 584. n. 10.). Deeze ontbindingen hebben eene roode of bruine couleur, eenen bijzonderen, hinderlijken reuk, lelijken fmaak, en draagen den naam van zwavel-balfems(£aZfama fulphuris). Zo onderfcheiden als de ohen zijn, even zo verfchillend is ook de hoeveelheid zwavel, welke zij naar zich neemen. De uitgeperfte oliën losfen één vierde gedeelte, ten hoogften de helft, de anijs-olie éen zesde, en.de terpentijn-olie één tiende gedeelte van haar gewiet der zwavel op. Daar het bereiden der zwavel-balfems inzonderheid met aetherifche oliën , volgens de gewoone yoorfchriften, gevaarlijk worden kan (*), zo heett men hier bij zeer voorzichtig te werk te gaan. Best doet men, wanneer men te vooren met eene uitgeperfte olie een zwavel-balfem maakt, waaruit men door hem met de vereischte olie te digereeren alle overigen bereiden kan. Tot een dergelijk corpus pro balfamo fulphuris, Bal-

ja-

(*) Zo verhaalt Hofman, dat te /.ellervetat een nuis ia brandt geraakte, alwaar men in het laboratorium de nodige voorzichtigheid bij het vervaardigen van zwavelbalfem met terpsntiinölie niet in acht genomen had. U. Deel. Ff