is toegevoegd aan uw favorieten.

Kerkelyke redenvoeringen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43$ LOFZANG VAN ZACHARIAS.

den Eed, dien .Hy Abraham onzen Vader heeft gezworen; 't welk, misfchien, zou kunnen doe. len op dc herhaalde betuigingen in het O. Testament , dat God fteeds volhardde een God en Befchermer te zyn van Abraham; 't welk meede infloot, dat de Aartsvader in den dood niet verlaaten zou worden. Anderfins kunnen wy kezen : om te doen de bezwoorne Belofte , weleer gedaan aan Abraham; vervullende dezelve in onze dagen, — door aan ons te geeven, dat wy verlost werden en Hem dienden. Hier meede zou voomaamlyk gezien worden op de vermaarde Belofte aan Abraham, (Gen. XXV. 18.) _ dat, in zynen zaade, gezegend zouden worden alle Volkeren der Aarde ; zo dat ook deeze Volkeren zyne nakoomeiingfehap zouden uitbreiden, voor zo verre Abraham aldus een Vader zou worden van alle Geloovigen. Naar den vleefchc, namelyk, was Christus uit den zaade Abrahams, en alle Geloovigen zyn het zaad van den Meslias ; zo dat ook de Geloovigen , uk alle naatfien , in den geestelyken zin, geteld konden Worden onder Abrahams Kinderen. De Apostelen houden deeze aanmerking meermaalen voor aan de Jooden of Joodsgezinde Christenen, om aan te tooncn, dat allerlei Geloovigen bevoegd waren tot dc voonvgtcu van dit Kindfchap, alfchoon