is toegevoegd aan uw favorieten.

Reisbeschryvingen voor de jeugd.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 245 )

te en berouw te ontdekken, dat ik ben by myzelven terftond vergiffenis fchonk, en flécht* wenschte de zaak zodanig te vinden, dat ik hen ook van de ftraffe kon ontheffen. Ik vraagde hen: wat hen toch had kunnen beweegen, het fchip en den dienst van hun vaderland te verlaaten, en zich bloot te Hellen aan het gevaar van door haaivisfchen verflonden, of door de branding aan de kust verpletterd te worden? Zy antwoordden: fedat zy in 't geheel niet in de gedachten hadden \enomen om weg te loopen; integendeel, dat zy vast hadden beflooten, om het fchip, zolang het nog dryven kon, nimmer te verlaaten.Doch dewyl het wel te vermoeden was, dat zy eenen verren en gevaarlyken togt te doen hadden, en immers niemand zeggen kon, wie middelerwyl leeven of (ierven mogt: was 't hun hard voorgekomen, dat zy niet ten minden vryheid en gelegenheid hebben zouden, om hun eigen geld, naar goedvinden te verteeren. Zy hadden derhalven voorgenomen gehad, om zich nog eens recht vol te drinken, maar vervolgens naar het fchip wedertekeeren : zy hadden gemeend zulks te bewerkftelligen, eer man hen op het fchip vermisfen zou.

Dewyl ik, gelyk gezegd is, te vooren reeds gewenscht had, hun de ftraffe te kunnen kwytQ 3 fchel-