is toegevoegd aan uw favorieten.

Mijne dichtoefeningen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DICHTOEFENINGEN. 117

'k Moet u wat in 't oor hier bijten,

Schimpen wordt hier niet geduld, En wat heeft men aan 't verwijten

Daar zich elk acht vrij van fchu'.d? En die daar het meest voor raazen,

Dat's mijn Stadgenoot en ik. —• 't Heertje ginter bij de glaazen

Is altijd wel in zijn' fchik, Als een Kato zoo ftandvastig,

Hij, zegt men, blijft nog twee jaar; Goed zegt hij, 't valt mij min lastig

Dan mijn zetter, 't geld valt zwaar. Dus flaapt die gerust in vrede,

En befchouwt met vreugd den dag. Luister eens naar gintfche rede,

Maar houd u toch buiten lach. In dit tijdsgewricht, zoo donker

Voor heel Duitschland, weet die maat, Trots den besten hooffchen Jonker,

Hoe 't in bei de legers gaat;

P 3 Fre.