Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van OUD GRIEKENLAND. 159

-aaklijk tot de handhaaving van zijn gezag In om zijne vijanden te ftrafifen. Het was, m deezer gelegenheid, dat de Rhodiers, de Atheners te hulp riepen; en demosthen e s hun voorfpraak geworden zijnde, poogde, door zijne welfpreekenheid , het medelijden zijner Landsgenooten , ten voordeele van dat Volk , op te wekken, fchoon zi], door hun gedrag zich dier befcherminge onwaardig gemaakt hadden. _

philippus nam geen deel m den Heiligen Oorlog , geduurende de eerfte jaaren van denzelven. Want , meer belangs {tellende in zijne eigen bijzondere belangen,dan in den hóón, apollo aangedaan, was hij in geenen deele onvergenoegd te zien dat de Staaten van Griekenland, elkander door een wreeden en verderflijken Oorlog verzwakten. Terwijl zij dus elkander verwoestten, was hl] 'er alleen op bedagt om zijne bezittingen uit te breiden, zijne overwonnene plaatien aan den kant vunTbracien in zekerheid te brengen, en zulke te overweldigen als hem voordeeligst gelegen waren. Bezig zijnde met de belegering van Methone, boodt een Burger van Amphipolis, aster genaamd, hem zijnen dienst aan als een zo kundig fchutter, dat hij nooit miste den kleinften Vogel m de vlugt te treffen. Doch philippus zeide hem, dat hij hem zou gebruiken als hij een Oorlog tegen de Zwaluwen voerde. De Man werd zo verftoord op dat antwoord, dat hij zich in de Stad begaf, met een pijl op philippus mikte, met dit opfchrift: «Voor „ philippus regter oog." En in waarheid " hi)

iii.

BOEK» III.

Hoofdft,

Sluiten