is toegevoegd aan uw favorieten.

Atlante of De geredde onschuld. Tooneelspel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEELSPEL. 109

ïan mijn' vijand niet meer, uw hart voed nog me. Belijden voor mij, — voor zulk eene onwaardige! lis ik ben. — Wel aan, ik zal ook hun, die voor Lij gruwen moeten, om vergiffenis fmeken. (hij ïreed tot de oude Donald) Brave grijsaard; ik fchame bij tot u, en uw waardig huisgezin te naderen, !— ftoot mij vrij weg, en overlaad mij met vervloekingen, — ik heb u, uwe bevallige Dochter, la! u allen te zwaar mishandeld, om vergiffenis te hopen: door het opregst berouw aangedreven, wage ik het egter, ulieden om verfchoning te fmeken,

[ zie op mijne tranen, én vergeeft mij mijne

Jmisdaden. — (hij omvat Donald's Uien, de Grijshard en Philétas regten hem op, Atlante, de Kinderen ,en Sophia, treden fchreiende-toe.)

donald, ('liep getroffen.) Het is waar! gij hebt deze grijze haiien vele fmerten aangedaan, maar de God, op wien ik vertrouwde, heeft mij uit deze rampfpoed gered, — zoude ik nu behagen mogen fcheppen, een oprecht

berouw, als het uwe te verftoten? neen,

! Heer Schout! niet alleen hebt gij mijn mede-

jlijden en vergiffenis, maar ik verheuge mij, dat mijne rampen, hoe fel die ook waren, oorzaken zijn, dat gij in den loop uwer euveldaden gefluit zijt.

schout.

Edelmoedige Grijsaart! zal datjhet loon zijn van zo

ve-