Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

488 HET LEVEN van den

1660. een gcwiffe neêrlaagh drcighde, onderwerpen: en de Deenen vreesden dat Vrankryk en Engelandt hen tegen zouden vallen, indien de vyandtfehap bleef duuren. Dit bcwoogh beide de partyen dc vreede aan te neemen, die

De vreede den vyfden van junius zoo verre was gevordert,

fluiteaP mcn ** in a^c Punccn genoeghzaam eens was, en niet dan het teekenen ontbrak. Wcshalven de Heeren Nederlandtfche Gezanten, dewyl ze hun ooghmerk hadden bereikt, toen eindelyk, met kennis en goedtvinden van de Deenfche Gemaghtigden, toeftonden , dat men den Viceadmiraal de Ruiter zou beveelen de Zweedtfche oorlogfcheepen t'ontflaan. Ten dien einde werdt hy ten zeiven daage aan landt ontbooden, daar hy die ordre ontfing, cn mec eene verftondt, dat dc vreede klaar was, en ftondt om geteekent te worden. Waarop hy den Zweedtfchen Bevelhebber aan zyn boordt De ontboodt, hem aanzeggende, dat hy van de fcb'eed' Heercn Nederlandtfche Gezanten laft hadt ontfcheepen ftngcn •> dat ze vry en onverhindert moghten worden zeilen werwaart het hun geliefde, en indien ontüaa- Zy eenige lyftoght van nooden hadden, dat de gen. Heeren Gezanten ordre zouden ftellen om hun die te befchikken. Dit was een blyde tyding cn aanbieding, die de Bevelhebber met dank aannam: zeggende, dat hy niet meer dan voor vier daagen ceten in zyne fcheepen, en achtof ten minftc zevenhondert eeters hadt. Dit liet de Heer de Ruiter aan de Heeren Gezanten weeten, cn verfpreidde zyne fcheepen een kanonfehoot van de Zweeden af, die desweegen groote blydtfchap toonden. Hier op werdt de vreede des andcrendaaghs, den zeilen der

maandt,

Sluiten