Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a POORREEDE.

Iemand vooruitgaan. Ik waage het, en weet t»t mijner onfchukliging niets anders te zeggen, ais dat ik het gewaagt heb.

Ik maak mij zeker geen hoofdbezigheid daar van, en mijn beroep maakt mij even zo min tot een Fabe /dichter. Het is dus veel meer de vrugt mijner Itedige uwen. Men leest bij eene wandeling. —

Men ziet verfcheide tegen/landen, Tegen*

ftanden die iemand dikwijls een gedachte van zich zelf geeven. De gedachte fchijnt goed te zijn* Men kan zich niet bedwingen, men moet dezelve» op V papier Jl'ellen. — 'Er komt eene Fabel uit. —

'2*> komt een deeltje Fabelen bij elkander.

zullen deeze /lukken nu eemvig in den Lesfer.aar

blijven liggen? ■ Veellicht zijn zij tot nut°> —

Veellicht gevallen ze wel? • J<i! r*el-

Ucht? Maar veellicht gevallen ze niet? —

Gij hebt toch misgunnen genoeg, zegt de wijs-

beid, Vijanden, die u en uwe Patriotfcht

bemoeijingen niet gedogen kunnen. ■ Gij haalt

u kretiken op den hals, onnodige kreti-

ken. Gij zult door de hekel gehaalt en bijna zelf een Fabel worden ? Of heeft men bereids geen Fabelen genoeg van anderen, ove"al verfpreid, en

tot uw geluk dat het Fabelen zijn. Eindttjk

wat

Sluiten