Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVER CE GENEEZINGE DER BREUKEN. 23

hebben, gaa ik voort, den moeijelijk opgenoraenen taak, verder te voltooijen. Onder de uitwendige hulpmiddelen waar van men zig van de vroegfte tijden af, en door alle de tijdperken van het beöeffenen der heelkunst, ter geneezinge der Breuken, bediend heeft, en welke befchreeven en gemeen gemaakt zijn, moeten zeker, voornaamelijk, (zo niet alleen) de zulken verftaan worden, welke door plaatzelljke aanleggiag, (e) zonder eenig ander heelkundig handwerk , het vermogen bezitten, om de opening, welke doorgang aan de ingewanden verfchaft, zodanig te verëngen, Of te flniten, en de verloorene veerkragt der voorgefchikte, en zieke gefteldheid, der andere deelen, zodanig herftellen, dat geene uitwijking der ingewanden, weder plaats grijpen.

Wij

(e) Ook zelve de Breukband, (welke bij jonge kinderen , en bij nieuwe en klijne Breuken, volgens onte■ genfpreekelijke, oude en nieuwe waarneemingen, altijd de geneezing ten gevolge hebben) welker beftendige aanlegging, en naauwkeurige behoorlijke drukking, aan ons dikwijls geleerd heeft, dat dezelve in ftaat is, de hals des Breukzaks, door onafgebrokene werking, zodanig te vernaauwen, dat eene geheele fluiting van den hals derzelve bewerkt en voJkomene geneezinge, zelve bij bejaarde, daar gefield word, offchoon zulks geheel aan de natuur en een gelukkig toeval moet toegefchreeven worden.

B 4t

Sluiten