is toegevoegd aan je favorieten.

Het leven en bedryf van den heere Michiel de Ruiter.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i665.

De Ruiters fchip werdt zeerred deloos gefchooten.

334 Het LEVEN van den

Hollandtfche fcheepen zoo getroffen werden, dat ze hun opffaande en loopcnde wandt, noch hun zeilen niet konden gebruiken. De Ruiter, d'Engelfchen zoekende te naderen, raakte byna aan den grondt. Dewyl men dan tegen al het Engelfch gefchut moft oplaveeren, werdt men in't kort gewaar, dat het onmoogclyk was in een baay, zoo naau en zoo droog, tegens zoo veel gefchuts, met zoo zwaare fcheepen in tc koomen, en iet te verrichten. Het Engelfch Konings fchip, dat dc Ruiter by Kabo Verde in zyn maght hadt gehadt, cn toen liet vaaren, vocht hieronder d'Engelfche fcheepen: doch dc Ruiter hadt het met fchieten zoo moede en mat gemaakt, dat het geen weer meer deedt, en hy meende het aan boordt te leggen: maar werdt van alle kanten zoo reddeloos gefchooten , dat 'hy van befluit veranderde. Al zyn zeilen, en loopend wandt, zyn braffen, boelyns, draayreeps, fokkeflagh, en tien hooftouwen werden ftukken gefchooten. Aan ftuurboordt kreegh hy drie of vier fchooten onder water, :wee fchooten door de groote maft, en de sefaansmaft was wel half af. Daar quam een toegel, die zyn' Opperfchryver PaulusAdriïanszoon Klerk, een' Adelborft Bellechere, net een' matroos te gelyk wegh nam, en zyn' frommelflager doodtlyk quetfte. D'opperchryver Klerk was gewondt, zonder bloedt :e laaten, en ftorf ettelyke uuren naa 't gehecht. De Heer de Ruiter ankerde onder 't gefchut der Engelfchen, en deê wat hy konie om tot zyn voomeemen te koomen. De Schoutbynacht van Nes, d» Kommandeur

de