Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TO VEE L SP É L.

23

NEGENTIENDE TONEEL.

. de vorigen , behalvon de jonge ernesti. ernesti.

Zie zoo; dat is een pak van mijn hart - ik ben daar in eens wel tien jaar jonger geworden dunkt mij: -J—r en gij Snor ? mij dunkt het gaat u niet recht ter harte. o snor.

fa 't doet wel, maar ik ben nooit buitenfpoorig vrolijk of droevig.

ernesti. Buitenfpoorig? wat duivel! oen vader, die hoop heeft van zijn kind naar zijn genoegen uitgetrouwd te zien, kan niette buitenfpoorig verheugd zijn: Ik verklaar je, Snor, ik zou kunnen danfen van vreugd.

snok.

Neen, dat is zoo mijn humeur niet.

e r n e s t. i.

Wel mijn lieve man, laat toch eens dat Edele Geurenge weezen uit zijn plooij raaken : gij zijt immers toch geremoveerd en tot de Clasfis van eenvoudig Burger wedergekeerd ? toon het dan ook te zijn.

snor.

Wat? Zoudt gij mij dan van tr^chheid verdenken?

, ernesti.

Neen; maar zoo wat van aangeboren en diepgewortelde grootheid, daar, onder ons gezegd, braavcburgers meê jagcheh: waar je Lid van Leerzaam Vermaak, broer, dan zou je je fomtijds de metten wel' eens hooren leezen. — Nu kom aan; ik zal mijn meisje maar gaan haaien om heen te gsan, 'tis toch alles nieuw voor haar: zeg, als 'r. u beB 4 lieft,

Sluiten