Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S FSTER PAARS,

avondeeten voor hem nog in gereedheid brengen. De Nijmphen O waren druk bezig met huis- en tafelzaaken; met nette fchorteldoekjes voor, toonde een iegelijk hunner den uitterften vlijt. Zij vloogen als de wind, verhit en van het zweet druppende, de trappen op en af. Het fcheen een weddenfchap te weezen, wie het eerfte gedaan zou hebben. De eene dekte de tafel; de andere maakte het bed. De Trompetter blies ter maaltijd (f).

Zijn

O Eigenlijk Nereiden geheeten; zijnde de Dogters van Ne reus, onder welke Thetijs de voornaamfie was.

(f) Triton, een Zoon van Nephtunes, vnrnanU Triton, zo als V i r g i l i u s hem noemt. O v ibius, Vi»«tms en andere Digters hebben hen» leer wel gekend. De eerde zegt er van:

Bucchiu, qua medio concepit ut areaponto, littora vcc& reptet fub utroqve jacentia Phafo. \

OVIl).

Metam. Lib. i. v. 337» 338. Van hem ontleenden de overige minder Watergoden en Bedienden van Nephtunes de algemeene benaaminS van Tritons. Hun kleur was blaauw, gelijk die der paarden van den Zeegod; voor 't overige waren zij gelijk. den eerften T rit OM» half mensen sn half visch.

Sluiten