Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONLUSTEN in het VADERLAND, iö'$

nadere overweeging van het voorfz. Appoinctement, den inhoud daar van zeer bedenkëlyk zal vinden, vergeleeken met het 63 Articul van den Ryl van Procedeeren in crimineele zaaken.

Ten tweede, dat het verleenen van Tardon en het opfchorten der reeds beraamde uitvoering eene zaak van zeer kwaad voorbeeld en gevolg zyn zoude, in de misdaaden oproer betreffende, en waarin op bekentenis van den misdaadigen wordt recht gedaan; misdaaden, welken het welzyn van Stad en Land in de waagfchaal ftellen, en uit haaren aart niet dan met opzettclyken wille bedreeven kunnen worden.

Waar uit, ten derde, voortvloeit de Vraag, of het misdryf in verfchil niet met de grootfte reden zou kunnen gefteld worden onder de Misdaaden, over welken den Hr. Stadhouder het recht van genade te bewyzen niet zoude toekoomen; aangezien by de Commisfie aan de Stadhouders verleend , uitge7onderd worden enorme delicten , met opzettelyken wille begaan. — Eindelyk, van wat invloed en gevolg het zyn zoude in die Stad, daar de gemoederen geduurig tot oproer aangezet worden, de uitvoering van 't Recht zoo onverwagt op te fchorten, voor dc oogen van het gantfche Volk, reeds beraamd en den toeftel daartoe gemaakt zynde, cn zulks op het bloot te kennen geeven van de Familie der fcbuldigen, daags te vooren aan Zyne Hoogheid gedaan; hoe zeer zy tot diea L 3 Rap»

1784.

Sluiten