Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SOS LEVENSGESCHIEDENIS VAN

Dit voorval maakte i!c mij bïf ene andere gelegen* lieid. die ik zelf voorbedachtelijk zocht, ten nutte.

Ik ging in de woeste bosfchen van het Graaffchap Monjoije op de wolvenjagt, en nodigde tot deze voorname jagt boeren en burgers. Op den eerden dag deden wij weinig; maar tegen den avond ging ik, met een' zwerm van meer dan 40 fchutters, in ene eenzame kolenbranders hut flapen, waar wij voorraad van wijn en brandewijn hadden.

Des avonds zeide ik; _ „ Kinders-J een

„ ieder moet nu de lading van zijn geweer aftrekken, „ of affchieten, en versch laden, op dat morgen zich „ niemand zal kunnen ontfchuldigen * wanneer het een „ of ander geweer , dat men op een' wolf zou pogen „ te losfen, weigeren mogt."

Dit gefchiedde, en alle fnaphanen en busfen werden in ene andere kamer gezet, en toen gingen wij aan het eten, drinken, en danfen. Ondertusfchen flopen mijne jagers in die kamer, haalden al het lood van de gewe. ren af, deden 'er ene andere, en op de meesten zelvs ene dubbele, lading op , op dat de ftoot te geweldi. ger wezen zou, doch-alleen maar van los kruid. Enige kenbare kogels, en enig gehakt lood, dat van de geweren afgetrokken was, ftak ik in mijn' zak.

Des morgens volgde mij de gantfche zwerm op de jagt ; onder weg begonnen enigen , die mijn geheim wisten , van mijne toverijen , van mijne historie met den nevel, en van mijne onkwetsbaarheid , met de boeren te fpreken.

Ik keerde mij om, en vroeg, „ wat zwetst gij ,, daar?"

Mijn jager andwoordde : „ Niemand wil geloven, ;, üat uwe Genade kogels opvangen kan,"

ii

Sluiten