is toegevoegd aan uw favorieten.

M.A. de Ruyter, in X. boeken.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ijrf M. A. D E R'UY TE II.

De zagtren volgen hen; terwijl het koud gemoed,

Zo fchaars op deeze vloot, zelfs vuur vat door hunn' gloed.

De ruyter laat terftond zijn' Raad te zaam vergaêren,

En zegt, daar hij 't ontwerp der Staaten zal verklaaren:

Gij hebt, ó Heldenrei! beproefd in ftrijd op ftrijd,

Des vijands kust in 't oog: uw deugd, 's Lands eer, de tijd,,

'c Eischt al iet groots van u, maar dat gewis zal faalen,

Tenzij God op ons werk zijn' zegen neêr doe daalen.

Gij, die niet iiddert, fchoon de dood u tegenbast,

Zult mooglijk fiddren op het hooren van deez' last.

Zeilt, met des Hoogften hulp, naar Groot-Britcanjes ftranden^ Tracht, zo veel mooglijk zij, aan 's vijands kust te landen; En, kroont des Hemels gunst uw ftoutgewaagd begin, Zeilt dan Rochesters ftroom met Neérlands kielen in: Vernielt des vijands vloot, brandt los op zijn kastcelen; Doet Chattam in den fchrik der Britfche kusten deelen. Zo zal het Engelsch Rijk ons fmeeken om de vreê; En 't zwaard, met fchande ontbloot, keer' fchandlijk in de fcheê..

Een grootsch gevoelig bleek vertoont zich op elks kaakenf Doch daadlijk doet het rood van drift elks aanfehijn blaaken. Waar toe, .dus fpreekt 'er één, keurt ons *s Lands Raad bekwaam! Kom, diejrbre Heldenfchaar! verdienen wij dien naam.

De