Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

84 Onlangs was ik krank.

Waarom zou ik voor het fterven vrezen? — Gods eigen woord: Ik zal u niet begeeven ; ftclt my gerust. — Zou Hy, die zyn' eigen' Zoon fchonk,

my niet alles geven met Hem? Ja, laat myne

ervaring myne hope voeden! In myne verle-

dene krankheid was er maar eene fchrede tusfchen

my en den dood. Sterven kan niet veel meer

zyn dan ik ondervonden heb. Laat dat my

bemoedigen, zoo dikmaals ik denke: De herftelde uit doodsgevaar ftapt den dood te gemoed!

Nu zal ik, met Hiskia gered uit krankheid, met Hiskia al zoetkens voordtreden alle myne jaren, maanden, weken, dagen, uuren, oogenblikken. — De levende, o myn Redder! de levende zal U loven, gelyk ik heden doe. In den hemel zal ik U en voor de krankte en voor de geneezing danken op hogeren toon! — Haast ga ik naar den hemel. Myn lighaam, opgewekt in den jongften dag, zal voor geene krankte meer vatbaar zyn, en geen inwooner der hemeh'che geweften zal immer zeggen: Ik ben ziek!

DIER-

Sluiten