Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

s3+ NEDERLANDSCHE

tügeezen Mestro noemen; dikmaals brengt hy re» gen aan.

De voornaamfre rivier is de Zaïre, voortkoomende üft het tweede Meir van den Nyl; zy is de grootfte rivier van Afrika. Aan haaren mond is zy achtentwintig myleft wyd ; zy bevat eene menigte kleine Eilanden , en ontvangt de Vambo en la Earbella. Op haar volgt in rang de Coanze, welke de Koninkrykcn Congo en Angola befproeit. Nog heeft men 'er de Lelonda, in welke zich onthouden Krokodillen, Z:;epaerden en eene foort van visfchen, Varkens genaamd, die zomwylen zo groot en vet zyn, dat zy 500 ponden weegen.

De Zeepaerden zyn geelagtig van kleur; zy hebben bykans geen hair. Over dag graazen zy op het drooge, en keeren tegen den nacht weder in het water. De Afrikaaueu hebben eenigen getemd; doch dit gebeurt zelden , en kost zeer veele moeite. De getcmden zyn zeer fnel ter been; men moet wel op zyne hoede zyn, om hen niet langs rivieren te laatcn trekken: want zeer ligt zouden zy zich te water begeeven ; wanneer men ftaat mag maaken , hen nooit Wederom te zullen zien. Men vindt ook , in deeze zelfde rivieren, Zee-osfen, die eenige dagen buiten het water kunnen leeven.

De overvloed van water', in deeze landftreeken , gepaard met de nabyheid der Zonne, is oorzaak dat zy zeer vrugtbaar zyn in kruiden , fruiten , koorn ; nog grooter zou deeze vrugtbaarheid zyn , indien de landzaaten meer werks maakten van het bewerken van den grond.

Een der bergen van Bemba bevat Zilver- en andere Mynen, en de weinig bezogte üreeken een groot getal

Sluiten