Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

494 AD VIËSÉN van de

zoo lang dat ieder Provincie in den haare, ert tusfchen de Bondgenooten onderling geen middelen van afkomst beraamd, en dat een ieder over de gemeene zaaken, zoo bekrompen blyft denken, en niet wel overtuigt zyn, dat ieder der Bondgenooten voor zig wel fchaade lyden kan, en het algemeen dog bewaard blyft, maar dat het algemeen belang, geen inbreuk leiden kan, zonder dat ieder een, daar door inbreuk gefchiede, en dat alle zig niet verheugen in de bloei of in de voordeelen van den eenen, zoo lang zal men vrugteloos zoeken naar die gewenschte eenheid van beftuur in de gemeene zaak zoo wel als in ieder van de takken der publiecque Adminiftratie. En zoo lang hier aan niet is geremedieerd zoo lang ook zullen de Petitiën blyven zonder conclufie, de Confenten zonder Pournisfementen, en alle mogelyke en beste voordragten en voorneemens zonder gevolg,, en de gemeene zaak hoe langer hoe cónfu'ier eindelyk totaal in bet verderf gedompeld worden.

Dog, Edele Gr. Mogende Heeren, daar het onze taak niet is tantas componere. Lites zouden wy dit alles wel ongeroerd hebben kunnen laaten, waren wy niet overtuigt (wy kunnen het niet genoeg herhaalen) dat, alle de gebreeken der Maxime die men meend in onze boezem te refideeren, waarlyk daar ten onregte worden nagefpeurd en gezogt, het is niet dat wy ons van innerlyke gebreeken zoeken vry te pleiten nog die geenen die exteeren zoeken te verbergen, veel min te verfchoonen, ■wy willen gaarne erkennen dat die veele zyn, dat wy in verfcheide opzigten van onze Inftrudtie zyn afgeweeken, en kunnen ook niet de waarheid van het gezegde der Heeren Gedeputeerden betwisten,dat de verfcheide Collegien , door onderlingen nayver, en manquement aan Correspondentie de Materialen byiedernodig den eenen tegen den ander hebben ópgejaagt.

Maar

Sluiten