Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28 a. bonn, over verschillends

me omftandigheid hinderde hier aan, naamlijk de dikke koordachtige band, die de fchaambeenderen aan den bovenkant vereenigde, en beneden welken het fchijnbaar fponsgezwel uitpuilde, in de waarneemingen van de Heeren d essault en pinelj en welke band door den beroemden Berlijnfchen Ontleedkundigen Hoogleeraar, walther, zonder een dergelijk gebrek van pisblaas en roede is gevonden en afgebeeld; terwijl daartegen het blaasgebrek en de verwijdering der fchaambeenderen, zonder zulk eene bandachtige koord, door den ancerzins naauwkeurigen flajani is waargenomen.

Daar ik, bij mijne eerst gemeen gemaakte waarneemingen, ook zulk eene tweeërleie verfcheidenheid had opgemerkt, van het geheel ontbreeken of gedeeltelijk tegenwoordig zijn (/) van zulk een' fchaambeensband, ook zonder blaasgebrek, maar vergezeld van eene wanftaltige roede, gaf mij dit laatfle aanleiding tot de volgende nadere proefneemingen, op lijken van kinderen en bejaarder voorwerpen.

Na voorafgaande opvulling en uitzetting der pisblaas met water of lucht, kliefde ik , op gelijke wijze, de huid, voorhuid en het roedehoofd van den bovenkant; fcheidde de fponswijze lig-

CO V'rh. der Holl. Maatfck. «. deel, bladz. 135.

Sluiten