Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FREDERIK DEN II. 501

werken, werkloos blijven cn dat lieden, die fober en eenvoudig leefden, fmaak krijgen in lekkernijen en in fraaien opfchik, en eindelijk tot bankroeten koomen of bedelaars en bedriegers worden ?

Het grootfte kwaad, dat groote monopolieën verzelt, is dac de rijkdommen, in bevoorregce huizen opgehoopc , weelde naa zig fleepen, welker eerfte uitwerking is her gebruik van vreemde waaren, dac de Koning wilde beletten. Hij heefc ook indedaad een grooc getal derzclve verboden. Dit moesc enige bijzondere perfoonen, ten minften in hunne verbeelding, ' nadeelig zijn; maar hij heefc, over hec geheel genoomen, door die middel zijne onderdaanen aangemoedigd cn zelfs gedwongen om zig door hunne nijverheid en uic hunnen grond dingen te verfchaffen, welke zij van den vreemdeling kogcen. Enige dier monopolieën ftrekten daarenboven ook om het vertier van zekere waaren te verminderen. Ik heb eenen der Franfche accijft-n-beitierers zig hoortn beroemen dac hij den Koning hadc doen opmerken dac de koffij voor hec volk wezenlijk voordeelig is, wanc dac een huisgezin met wat melk en wat fuiker of ftroop beter koop ontbijcen kon dan met alle ander voedzel, dac li 3 het

Sluiten