Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MÖ Grondbeginzelen

zij zijn famen verëenigd ; en de dood ontbindt deze verëeniging. Wij kunnen hen ons voorftellen, als beftaande, na dat deze verëeniging verbroken is; want wij zien, dat het ligchaam nog eenigen tijd beftaat; en dat het door menschlijke kunst nog langen tijd in wezen kan blijven. En gelijk de meeste menfchen in alle eeuwen eenig denkbeeld van een' toekomenden ftaat gehad hebben , zoo moet het met de wetten van het menschlijk verftand ftrooken, dat de ziel kan leeven , wanneer zij van het ligchaam gefcheiden is. Maar nu kan de ontbinding der verëeniging van twee onderfcheiden onderwerpen , elk van welk begrepen wordt, in ftaat te zijn , om afzonderlijk te beftaan, niet meer onderfteld worden , noodzaaklijk de vernietiging der beide verëenigde zelfftandigheden te veröorzaaken, dan de ontbinding der huwlijks - verëeniging door den dood, onderfteld kan worden, noodzaaklijk, de vernietiging der beide echtgenoten tevens mede te brengen. Derhalven de verëeniging van ziel en ligchaam is niet noodzaaklijk voor het beftaan der ziel na den dood. Gevolglijk, de ziel kan bij mooglijkheid, het ligchaam overleeven. 447. Ten derden : Natuurkenners nemen

waar,

Sluiten