Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der zedelijke Wetenfchappen. 249

449. Verders: als wij deze leere van een oorfpronglijk ligchaam toelaten, moeten wij nogthans aanmerken , dat levende menfchen fomtijds een of ander lid door geweldige affcheiding verliezen kunnen. Deze leden moeten zekere deelen van het oorfpronglijk ligchaam bevatten , indien er iet zoodanigs zij. Daar is dan, in dat geval , eene ontbinding der verëeniging tusfchen de ziel en een deel van het oorfpronglijk ligchaam; en wel eene geweldige; welke nogthans aan het beftaan der ziel niet hindert. En dienvolgends, wat ook ten tegendeel ingebracht wordt, de ziel kan mooglijk de geheele ontbinding door den dood overleeven.

450. Maar thans is het tijd, om deze onverftaanbare leere van een oorfpronglijk ligchaam te verwerpen. Van een klein begin , gaat de mensch allengs verder tot zijn volkomen grootte. Maar welk tijdftip van zijnen groei is het, waarin het oorfpronglijk ligchaam voltooid is,en de bijvoeging der vreemde ftoffe begint ? Wat is het oorfpronglijk ligchaam? Is dit het ligchaam van een ongeboren vrucht, van een kind, of van een man. Begint die vreemde ftoffe zich bij te voegen voor de geboorte, of na dezelve , in

q5 do

Sluiten