is toegevoegd aan je favorieten.

Allernoodzaaklijkste raad en waarschouwing voor jongelingen en jonge dochters, ter vermijding der onkuischheid [...] en der zelfbevlekking.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X »5 X

voor zich heen keek, als of zij ergens op peinsde, vroeg haare moeder haar menigmaal, of haar iet» fcheelde? Bet je antwoordde geftadig: Mama, mij fcheelt niets. Menigmaal werd haare Moeder ook in ernst misnoegd op haar, vooral,wanneer zij zich, in de tegenwoordigheid van vreemde gasten , zo fchuchteren en verlegen gedroeg. Eene zeer onfchuldige vraag, vooral van vreemde Mansperzoonen, deed haar plotslings rood worden, en het fcheen, als of zij niemand meer vrij in de oogen durfde zien. Wilde zij zich hier toe dwingen, dan teekende haar gelaat niet die ongekunstelde bevalligheid, die jonge Meisjens zo wél ftaat, maar het was zo vreeslijk misvormd, dat elk gedwongen werd, het oog van haar af te keeren. Zij voelde het ook zelve, dat zij zich niet wél gedroeg, en beloofde geftadig zich beter te zullen gedraagen; dan haare natuur was nu eens zodanig veranderd, dat zij dit niet konde.

Zó was het met haar gefteld , toen zij dertien jaar oud werd. Maar nu begon zij allengs bleek in het aangezicht te worden, offchoon haar, gelijk ftraks gezegd is, nooit iets fcheelde. Door het verlies der fchoone kleur van haar gelaat was zij bijkans leelijk geworden. Zij bezat dus voor niemand iets bekoorlijks meer, vooral daar zij hoe langs hoe ftiller en blooder werd, en aan niemand gelegenheid gaf, om zich met haar te onderhouden. Zij zou anderszins nog menig eene goede hoedanigheid van haar hart, nog menig bewijs van de fcherpzinnigheid haars verftands hebben aan den dag' gelegd. ^a