Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 25)

gegeven ; lang en gelukkig leve Therejtai Therefia Hond op, bedankte het gezelfchap, en bad mijn' vader emftïglijk, dat hij nog verder de plaets van vader en voogd bij haer bekleeden, en hare bezittingen, zoo bellieren yvüde, als hem zoude goeddunken.

Ik omhelsde haer; — wij beiden verwijderden ons, tot het bal zoude beginnen; en mijn vader gaf haer een lijst van alle hare bezittingen over, welken hij in bewaring gehad had, en deed afftand van zijne zestienjarige voogdijfchap , welke hij , tot haer voordeel en tot zijne eigen eer, zoo geliikki'Èlijk bekleed had.

Sedert dien tijd heeft Thcrefe altoos, bij. afwisleiiiig, bij ons, of in de fiad, gewoond. Zij vereenigc in haren perfoon twee eigenfchappen , welken niet altijd bij elkander gevonden worden : welgemanierdheid en zedigheid. Denk derhalve eens, wat ik, door den dood van dit liefdewaeruige meisje, zoude verliezen, en hoe fmerteiijk , intuslchen, mij hare krankheid moete wezen!,

ik fchrik voor de lengte van dezen brieft maer de verhaelftijl leidt ligttlijk wat ver af;

B 5 »»

Sluiten