Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JONGEN ANACHARSIS. 333

«He ruiterij gefloopen is, zonder een vereischt •nderzock te hebben ondergaan , wordt aldus geftraft , om dat hij de wetten overtreden heeft (i}, maar is niet eerloos, om dat hij de goede zeden niet gefchonden heeft. Deze foort van vernedering verdwijnt ook door een noodzaaklijk gevolg, zoo dra derzelver oorzaak ophoudt» Die aan 's Lands fchatkist fchuldig is, verliest zijns burgerrechten; maar herkrijgt ze weder , wanneer hij betaalt (2). Om dezelfde reden fchaamt men zich ook niet in tijden van gevaar ten dienst des vaderlands alle burgers op te roepen , wien de oefening hunner rechten verbooden was (3), doch vooraf wordt als dan hun vonnis herroepen, het geen niet gefchieden kan, dan door eene rechtbank van zes duizend Rechters, en onder voorwaarden, door den Raad en het Volk voorge» fchreeven (4).

Ongeregeldheid en zedenloosheid brengen eene geheel andere vernedering voord , welke de wetten zelve niet zouden kunnen wegnemen , maar, wanneer zij zich met het algemeene gevoelen vereenigen , verzwaaren, dooi den burger, die de algemeene achting verloor. tevens alle middelen, om ze te herwinnen, te

be-

(l) Lijf. in Alcib. p. a-7. Taijl. leclion. Lijfiac. p 717. CO Demofth. in Theocrim. p. 857. Liban. Arg«m orat. Demofth. adv. Ariftog. p. 843. (3) Andoc. de mijftei p. 14. Demofth. adv. Ariftog. p. 846. CO ÏJ- m Tim«j p. 780.

XIX.

Sluiten