Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoofd* t. 'LXI.

van denzelfden,

-^r zijn Gezanten van philippus. aangekomen. Hij beklaagt zich over den laster, dien wij, ten aanzien van den laatlten vrede , wegens hem verfpreiden. Hij beweert , geene verbindnis aangegaan en geene belofte gedaan te hebben, en daagt ons uit, om het tegendeel aan te toonen (ij. Onze Afgevaardigden hebben ons dan fcbandlijk misleid , zij moeten zich rechtvaardigen of geilraft worden. Dit is het voordel van demosthenes f».

Het laatfie zal eerlang gefchieden. De Redenaar iiijperides klaagde onlangs philocra, tes aan en ontdekte zijne fchandelijke kunstenaanjen. Elk ontvlamde tegen den befchuldigden , die zelf alleen bedaard bleef. Hij wachtede , rot de woede der menigte in ftilte kwam. „ Verdeedig u nu : riep hem iemand

toe. — Het is mijn tijd nog niet. Waar

wacht gij dan naar? _ Tot het Volk eerst eenen anderen Redenaar veroordeeld heeft (3) » OP het laatst nam hij evenwel, overtuigd van groote giften van philippus te hebben aangenomen C4), de Vlucht > om zkh aa]1 dg te onttrekken.

PhiL).L'b,D; "e"m' ^ W,]' 2' * W Demofth. f 'V' P' 7' C3) anft' rbet- l. *, c. 3 , t. 2, n. «1 (4) Demofth. ftlS.Jeg.p.310&JI!. *'P'**

«* REIZE VAN DEN

Sluiten