is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandeling over het damspel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

210 XL Hoofdft, Aanwyzing van honderd party en

waar door B tot op 21 moet flaan. A dan met zyn dam op 42 fpeelende, zo kunnen de twee fchyven van B 20 en 30 de lyn van 10 tot 46 niet overkoomen , en de fchyf 21 word door 1 tegengegaan.

Doch fpeelt B 17 op 13 dan flaat A met dam-31 tot 4. B kan dan niet anders als 30 op 25 fpeelen, waar op A met de dam op 9 fpeelt. B met 25 op 19 fpeelende, zo fpeelt A met 9 op 5. B nu gewisfelyk zoekende om op 10 dam te haaien j zo heeft A inmiddels tyd om zyn fchyf it op 22 te brengen , en dan het fpel te doen eindigen in de manier ZO als de dertiende zet ten einde gebragt is.

(Aanwyzing van de 16. zet.) A fpeelt dam 29 op 24. B flaat met 18, twee tot

op 20.

» 19 op 24- met 28 op 19.

38 op 43. met 47 op 38.

>■ 16 op 22. met 27 op 16.

1 op 6. met dam 12, op 1.

flaat met 21 vier -tot met 20 op 29,

op 25. . • ■ met dam 40, vyf tot op 50.

De dam 1 van B hier meede opgeflooten raaken. de, en B zyn fchyf 13 niet kunnende fpeelen zonder verlooren te doen gaan, zo bewyst zulks de volftrekte winst van A.

(Aan<