is toegevoegd aan uw favorieten.

De ontleedkunde volledig verhandeld; of Naauwkeurige beschryving van alle de deelen des menschelyken ligchaams.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43 a Verhandeling over de Ontleedkunde.

(O men <sfe lendenftreek (*) noemt, welke men in fa -Um' bovenfte, in één middenfte, en in één onderfte gedeelte onderfcheidt. Men zal een voldoenend denkbeeld hebben van de onderfcheiden ftreeken des onderbuiks, als men 'er vier linten overheen trekt, twee in de dwarschte, waarvan 'er ééri evenwydig moet zyn aan den onderften rand der ribben, en het ander aan den bovenften rand van de darmbeenderen; en twee in de lengte , welke van den voorften en bovenften graad van dezelfde darmbeenderen naar boven toe uitgerekt worden tot even beneden de borst. Door dit middel zal het voorfte gedeelte van den onderbuik in negen gedeelten verdeeld bevonden worden, drie bovenfte, drie middenfte, en drie onderfte, welke de verdeeling der bovenbuikfche- navel- en onderbuikfche ftreeken, en de drie gedeelten van elke dezer ftreeken aanduiden zullen.

De holligheid van den onderbuik verbeeld eene eyrondte, welker dikfte uiteinde naar boven en de punt naar onderen gelegen, en die van achteren langs deszelfs gantfche lengte ingedoken is, om den uitftek, welk de lendenwervelbeenderen vormen. Zy wordt bekleedt met een vlies, gelykende naar het borstvlies, het is wit, heeft weinig vaten, en is vastgehecht aan de naastgelegen deelen , door een kort , fterk, ftevig celachtig weeffel ; dit is het vlies, dat men den penszak noemt. Alhoewel dit vlies eene vaste zelfftandigheid heeft, is het nogthans zeer rekbaar, zoo als men ziet in zwangere en waterzuchtige. De vlakte, naar de darmen gekeerd, is gelyk en glad, en wordt aanhoudende bevochtigd met een kleevend, vet, vry ruikend weyvocht, dat zoowel uit de poriën