Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit het leven' van jesus. 501

dankbaar en ootmoedig, Uwe genade, en de Godlijke liefde, erkent! Maak ons zoo gelukkig, dat wij U , nu en eeuwig, de eer en dankzegging toebrengen , als het Lam Gods , dat voor ons geflachtis! H.]

Veelen nu van zijne aanhangeren, welke dit hoorden, (gaven hunne verwondering en misnoegen daar over te hennen , en ) zeiden ( onder malkanderen , voor zichzelve , en niet jesus in V aangezicht:) dit is eene harde en ondraaglijke rede ; wie kan ze aanhooren ? jesus, hun ongenoegen merkende, zeide daaröm tot hen: Komt u mijne rede zoo onbegrijpelijk voor, dat gij u daar aan (loot? Hoe nu, indien gij des menfehen Zoon daadlijk zult zien heenen vaaren, (naar den Hemel) daar hij te vooren was ? ( Hoe zult Gij U dan niet verwonderen . als Gij ziet dat de messiüs niet hier op aarde hij U blij ft, gelijk Gij Uverbeeldt, 'dat Hij doen zal. H.) De geest, ( die door mij fpreekt, en in mijn werkt en dien ik na mijn henen gaan betoonen zal te hebben , H.) is het, die levendig maakt: het vleesch is hier toe niets nut: ( V Gene gij uiterlijk aan mij ziet, dat lichaam kan Z7 het leven niet geven. Zoo moet Gij mijne reden niet opvatten. H.) De woorden , die ik (preek , zijn geest en leven , ( dat is, zij hebben eenen geestlijken en hooger zin , zij bevatten waarheden, welke, . indien zij geloofd en geoefendivorden , zalig maaken , en de mensch aan het waare leven helpen.) Maar daar zijn ibmmigen onder ulieden, die niet gelooven. Want jesus wist van het begin, (van zijn leerambt,) af, (toen hij zijne leerlingen verkoos, wie zij waren, die niet gelooven zouden, ja hij kende reeds zijnen verraader. Daaröm zeide ik u, voegde hij erbij, niemand kan (of, mag) tot mij komen , ten "zij het hem gegeven zij van mijnen Vader. (Zie vs. 44.)

[De verrader judas was één van die genen , die li 3 zich

Sluiten