is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaaring van den brief aan de Hebreen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

174 verklaring van den brief aan

neemtze: zoo als onze Overzetters het hebben ingevuld.

Dat wij, door deze menfchen, Priesters moeten verftaan, lijdt geen bedenking, 't Zijn dezelfde, die hij, te voren, genoemd hadt: dezulken uit de kinderen Levi, die het Priesterdom ontvangen. Ook eischt het beloop van des Apostels redeneering, dat wij bepaaldlijk aan Priesters denken; want met deze alleen, en niet met gemeene Leviten, kon Melchizedek in vergelijking gebracht worden. Dat men nu de Priesters moest aanmerken , als die genen, welke, door de Leviten, het volk vertienden, is te voren aangemerkt.

't Zijn dan aanzienlijke perfonen, van welken de Apostel fpreekt; maar de befchrijving, die hij van hun geeft, is zeer vernederend, menfchen, die fierven! ,, die, flechts voor een „ korten tijd, hun verblijf op deze aarde heb„ ben, en dan heen gaan, den weg van alle „ vleesch, om met alle Adams nakomeling,, fchap, onder de heerfchappij des doods ge„ bracht zijnde, weder te keeren tot ftof."

Dan, 't verdient onze opmerking, dat hij hen, als ftervende menfchen, voorftelt, en wel, in betrekking tot het ambt, dat zij bekleedden: zij namen tiendens, zij zijn Priesters, en als zoodanigen, meerder dan het volk, maar zij blijven g<\en Priesters, zij zijn fierven-