is toegevoegd aan uw favorieten.

Brieven over verscheiden onderwerpen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONDERWERPEN. XXVIII. BRIEE. 24*

eii Pieter , hos klos , hos klos naar boven , met myne bagage J en ik arriveerde in Nichts fuperbe zydkamer.

Daar zat ik omtrent een half kwartier alleen , en begon my reeds my zelf te beklagen dat ik 'er was ! Nicht verfcheen eindelyk met een : „ exufeer my Nicht, „ maar het Volk is zo dom ! men dient „ het wel met duim en vinger alles in ,, te ftampert. Ik zeg altyd , die boöijen „ kan houden is gelukkig , maar die ze „ niet noodig heeft is nog gelukkiger. Wat „ zal men doen ? Als 't redelyk is moet

men het loven. Allemaal Menfchen , „ Nicht ; zo als myn man Zaliger plagt

te zeggen. Wie is volmaakt ? " — -,, Pieternel ! Pieternel ! geef Nicht eens ,, een floof ; wel myn lieve Nicht , zit ,, je nog zonder ftoof ? Nu Nicht , ik

hiet je van harten wellekóm , waar zal

ik Nicht meede dienen " ? „ ik zou „ liefst niets gebruiken , zo ik die Vry„ heid heb." „ Pieternel, Pieternel ! kookt ,, het water ? wy zullen een kopje Koffy „ drinken ; heb jte wel , melk in huis ? „ geef de verlakte Kart maar. Of zal Nicht

liever een Glaasje Mallaga verkiezen ? ,, Kom , ja ! je moet myn Mallaga eens }, proeven ; ze is zeer, extra goed." „ Lie-

I. DEEL. Q „ ve