is toegevoegd aan uw favorieten.

Geschiedenis van graaf Willem van Holland, roomsch koning.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tweede Boek* 'süÖ

zich van laager vierfchaaren op deeze beroepen had. Sommige Ryksvorften en Steden hadden wel de vergunning voor hunne onderdaanen en, burgeren weeten te verwerven van niet voor deeze Gerichten betrokken te- kunnen worden: doch het beroep tot dezelven van de uitfpraaken van mindere Rechteren was hier door met weggenomen. .# , „

De groote menigte van rechtzaaken, die voor den Keizer gebracht wierden, maakten het hem onmoogelyk om zelve over alles te kunnen vonnis vellen. Dit bewoog in 12.35 Frederik II. om op den zoo even genoemden Ryksdag voor den tyd van een jaar eenen Vorft tot Hofrichter aan te ftellen, die het leger vart zynen Heer zou volgen en op alle werkdagen met de Byzitteren, die hemde Keizer aanwees, over alle perfoonen en zaaken, zulke alleenlyk uitgezonderd, die by uitfluiting tot de kCnnisneeming des Opperrechters behoorden , uitfpraak te doen. Wy zullen onder Willems regeering dergelyk" een' Hofrichter bëftendig aantreffen. Men kon zich echter van hem wederom tot den Keizer wenden. In fommige Vorftendommen bevonden zich vafte Keizerlyke Landnchters. Wanneer het Opperhoofd van Duitfchland in de eene of andere ftad een Rykshof kwam hoüden , had deszelfs Bearapte uit zynen naam 8 dagen vóór en even zoo lang na zyne aankomft aldaar de Gerichtsoefenende macht, en, gelyk in 't vervolg zal blyken , noch andere voorrechten: 't geen de fteden naar zulk eene I. Deel, O **