Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

över spreuk. XXIII. 17-34. j3j

vs. 17.] De jeugd en jongheid is navolgende van aart. — Dus loopt zij gevaar de voorbeelden van losfe en ondeugende Jongelingen ligtlijk na te volgen. Hier tegen deze vaderlijke vermaning. —

vs. si:] De verkwister en doorbrenger zijn bij de uitkomst gelijk aan den luiaart, die niets doet, dan flaapen. — Zij worden arm.

vs', 23. Weder te verkoopen.] Zonder ze ooit weder te laten vaaren, om eenig lief of leed.

vs. zó. Schenk — hart.'] Verleen mij aandacht met toegenegen liefde, tevens op mij vertrouwende, dat ik u uit waare liefde tot uw geluk deze lesfen geve.

vs. 27.] hoofdst. XXII. 14. De gelijkenis is ontleend van de regenbakken en putten in het Oosten , die flechts eene naauwe opening hebben, welke men met eenen fteen toedekt, zoodat iemand, die hat Ongeluk heeft, daar in te vallen, zonder de hulp van anderen, 'er zich niet uit verlosfea kan.

vs. 2§. Hij'ène.] Ik heb het gewaagd, dit woord en beeld over te nemen in mijne Vertaaling. Het grondwoord fchijnt dit te dulden, en dit roofdier, het welk zijnen prooi beloert, terwijl het, gelijk men bericht, lacht als een mensch, is juist gefchikt, om de verleidende hoer en overfpeelffer af te beelden.

Vs. 29.] Alle gevolgen van het onmatig gebruik des wijns. ■

vs. 30.] Bereiden wijn is wijn aangezet met fpeceriiën, gelijk men in het Oosten die gewoonte plagt te hebben. —

vs. 34.] Gij zoudt u, onwetende, in het grootfle gevaar bevinden.

[Nnz] ,f,35j

Sluiten