Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over spreuk. XXV. 20-2S. 527

vs,. 20.] Zoodra azijn bij potasch komt, fchuimt het. — salomo wil zeggen: liet één is zoo onbeftaanbaar , als het ander.

vs. 21. 22.] Het is moeilijk te bepaalen, wat eigenlijk de letterlijke bedoeling of het beeld in deze Spreuk is. paulus heeft ze overgenomen, rom. XII. 20.

vs. 23.] De noorden, noord-westen, en noordoosten winden brengen in PaUftim dan regen aan, en van PaUftina wordt hier in den eerften zin gefproken.

vs. 24.] hoofdst. XXI. 9.

vs. 25.] Warm of laauw water bij groote hitte, bijzonder zoo als die des zomers in het Oosten is, ftilt naauw den dorst, laat ftaan, dat het verfrisfchèn zou; maar welke verkwikking is daar frisch en versch water! Zoo is enz.

Vs. 2&] Wanneer de vriend der deugd in zijne deugd wankelt, in tegenwoordigheid van den godlozen, verliest hij zijn aanzien, zijnen invloed, alle

zijne kracht, op ééns. Het is fchandelijk voor

den leermeester, wanneer hij aan het zelfde euvel hinkt!

vs. 27.] Het is edel en groot, en brengt eere aan, wanneer men op zijnen tijd zekere eere weet te weigeren. Eere is een goed, een zeer groot goed, maar in derzelver genot behoort men de mate te kennen.

vs. 28.3 Hij ligt, door zijne drift, en overijling, in fpreken of doen, voor alle gevaaren bloot.

C*V» 43

HOOFD-

Sluiten