Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over KOORZEN. enz, 223

ben de ziekte befchreven als woedende met kwaadaartigheid in ondericheidene plaatzen. Maar zer dert de dagen van Morton ontmoeten wij maar een voorbeeld van een aantekening der fcharlaken koors met een zeere keel verzeld , die in dit Eiland eeae volkziekte geweest \è (*). Deze verfcheen te Edenburg (f), in her jaar 1733, waar van wij het volgende verhaal vinden;

„ In

O De Febris Anginofa, door Huxham gemeld, welke in het foor 1734. te Plymcuth gemeen was, en zig in het jaar 1752' «p dezelve tyd dat de verjwerende zeere keel woede , wederom vertoonde, fchynt een groote overeenkomst te hebben gehad mee de fcharlaken koors en zeere keel- De ziekte was verzelt met pyn, fweiling, en verfwering der keel, fcharlaken of puist agtigen uitflag; en van een groote jeukte en affchilfering der huid gevolgt. De pols was in Vgenteen hard, rad, en klein:

den adem heet, en wierdt met moëytê gehaald, met een groote drukking in de Prseordia ; en de ylhoofdigheid kwam vroeg au 11 Den Schryver voegt er op een andere plaats by :

„ Of fchoon de kwaadaartige zeere keel een ziekte 1'ui generis -53 JC'tijnt te zijn , hadt die egter een groote overeenkomst met

„ de Febris Anginofa." Met een woord, de fterk

entftokene kinderziekte verfeheelt zo veel, of meer , van de kwaadaartige, als de Febris Anginofa van de pestachtige ver fwerende zeere keei. Vid. Huxham de Acre & morb. Epid.

fag. 95 94. in Zyle l>yüevcn oyet. £om f v{je CjuJj,

f. 271, 272, 296, 297.

(t) Edinb. Med. Ef and Obf. Vol. UI. p. 36,

O 3

Sluiten