Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 36 )

„ hoe yzingwekkend ook hunne vermetele eeditatf,, biedingen, voor weldenkende en beter onder„ richte menfehen, waren; hoe weinigen invloed „ dus dit alles op de zodanigen, voor wien de „ wegen der Natuur, even weinig als die van het „ menfchelyk hart, ten eenemaal zyn toegemuurd, „ fcheen te zullen hebben, het konde echter niet „ volftrektlyk zonder uitwerking blyven op het „ minkundig en ligtgeloovig gedeelte onzer Natie; „ te meer daar men zich niet ontzien had van den „ naam eens mans, die zo wegens kunde als eer„ lykheid ten goeden geruchte Haat, op het fchan„ delykst en hoogst ftrafwaardig te misbruiken, „ gelyk uit eenen eigenhandigen, en in het voor „ ons liggend gefchrift ingelasten, brief, blyken „ zal." enz.

Doelende dit op den brief door zekeren Heer van der bank, woonende te Dordrecht, gefchreven aan den Heer kasteleijn, zynde van dezen inhoud:

„ MYNHEER!

„ Daar ik nimmer door de Geïnteresfeerdens „ ben aangezogt geworden, om een fcheihmdig on-

derzoek te doen, omtrent de beide bewuste Ce„ menten, was ik met reden verwonderd, mynen

naam in eene wederlegging, door bernardus „ betert uitgegeeven, ten voorfchyn te zien „ komen; even als ware dit gefchilftuk door my, „ op eene geregelde, kunstmaatige, en allezins ben flisfende wyze naargevorscht en afgedaan."

„ Gaar-

Sluiten