Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ix. Afdeel.

IV. Hoofdstuk.

I.

Anthoceros punciatus.

Geftippeld.PI. CIH. %■ 5-

11. Icevis. Glad. 111.

Multifidus.

Gefnipperd.

1 ]

j

5 i, < J

P

cl

494 lilJCHKYviKB U»

is getyteld. Het bevat de drie volgende Soorten. °

(1) Hoornbloem met onverdeeld, uitgehoekt, geftippeld Loof.

(2) Hoornbloem met onverdeeld, uitgehoekt* glad Loof. & "

C3) Hoornbloem met dubbeld Liniaal Findeelige Bladen.

Onze Afbeelding, Fig. 5, op Plaat CIH, ?eeft een fchets van deeze Gewasjes, ftellenede eerfte en grootfte Soort voor, die bet Loof geftippeld heeft. Men ziet 'er uit, dar. T ook naar het Srhurftmos gdyken, maar nzonderheid verfcbillen door de Vrugtmaarende deelen, als gezegd is. Het Geftippelle Hoornbloem groeit in Engeland en Italië, 'O Linn/eus aantekent, op belommerde'

vog-

£ Vf:' xmT rrond'indiv 'fSi,,untis punflatis-

va* Kg. XIII. Gen. uoi. Sp. , dill. Musc. ,76.

f- l' Al»«- minor. Mich. &«. II. T 7 f 1 (O ^W0, Frond. jndiv Sinuatis ■ 7' —

>**• «• P- 303. Amhoceros. H. 6W. 4,7 R / *

Ï. P 4o T,e« ?PatUS PediC

P- 40. T. 61. f. ,. Hall. Helv inchoat. IU D 6r

chmIed Icon. Plint. x. 19. P r'

C3J Frond. bipinnatifidis Linearibus Anth

ol. tenuisfimo mulufido. Dill. f A uA1 « ; «W. utlüpra. 4' Halu ^

Sluiten