Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en FABIUS MAXIMUS. 83

verachten van rykdommen , deze beeft de een getoond in het weigeren van fchatten, die hem aangebooden wierden, en de ander, door het zyne afteftaan aan zyne behoeftige medeburgers, en de krygsgevangenen voor zyn eigen geld te losfen. Deze fom was echter niet zeer groot, daar dezelve niet boven de zes talenten bedroeg (f) ; maar het is niet te zeggen, wat al gefchenken pericles door zyn groot gezag had kunnen bekoomen van de bondgenooten, en zelfs van Koningen; terwyl hy nogthans zyne handen van dergelyke gefchenken rein heeft gehouden.

By de grootheid en pracht van Tempels en andere Gebouwen , door pericles te Athenen aangelegd, is niets van al wat Rome

(t) Hier moet noodzaaklyk een misdag in den grotadtext hebben plaats gehad: want dit is niet overeen te brengen met het gene in het leven van fabius gezegd is; naamelyk, dat by het verdrag van uitwisfeling tweehonderd drachmen voor eiken gevangen bepaald waren, en dat ïabius 247 heeft vrygekogt, welke das te famen eene zom beliepen van zestigduizend, zevenhonderd en vyftig drachmen, maakende tien talenten en nog omtrent een derde. De affchryvers hebben Iigtelyk zes voor tien kunnen fchryven. Fr. Fert.

[F ij

Sluiten